home /Fan van de tram /‘Aan de haltes moet energie voelbaar zijn’

‘Aan de haltes moet energie voelbaar zijn’

Thomas Lommee – Ontwerper

 

De haltes of stopplaatsen van de verschillende Spartacuslijnen zijn niet lukraak bepaald. Op elk knooppunt is er voldoende overstaptijd voorzien. Maar je kan er meer dan alleen maar op- en afstappen. De haltes van de toekomst zijn ook sociale knooppunten. En kunst is nooit ver weg.

‘Elke halteplaats wordt een interessante publieke ruimte, waarbij we kwalitatief hoger moeten mikken dan een gemiddelde stationsbuurt.’ Dat zegt ontwerper Thomas Lommee.  Na zijn studies aan ‘The Design Academy Eindhoven’, ‘Les Ateliers’ in Parijs and ‘The Institute without Boundaries’ in Toronto richtte hij in Brussel de designstudio ‘Intrastructures’ op. Dat is een ontwerpstudio die zich toelegt op het ontwerpen van zowel producten, diensten als ruimtelijke ingrepen voor een meer duurzame samenleving. In die optiek dacht hij van meet af aan mee rond Spartacus en vooral rond de invulling van de halteplaatsen. Dat zijn voor Lommee de ‘mooiste’ plekjes op de drie routes.

‘Spartacus is immers veel meer dan mobiliteit. Zo wordt het ook een trekker voor ‘mobiliteitscultuur’ en zorgt het ervoor dat energie voelbaar zal zijn op de stopplaatsen. Elke halteplaats is immers een interessante publieke ruimte, zeker de knooppunten waar wellicht iets grotere halteplaatsen gebouwd worden. Daar kan je bijvoorbeeld op schermen kunst tonen aan de mensen die er zitten te wachten, zodat ze dingen zien en ontdekken die ze misschien anders nooit zien. Maar je kan er net zo goed fietsen verhuren of ze herstellen, kranten, pralines of bloemen verkopen, een horecazaak starten en ga zo maar door. Het belangrijkste is dat je aan de mensen, liefst lokale burgers, de kans geeft om mee te participeren in de projecten die je er wil uitvoeren. Bovendien mag niemand gelimiteerd denken in deze. Van bij de oorsprong moet er ‘carte blanche’ zijn. Alles moet er kunnen. Zo kan je halteplaatsen ook als een multifunctioneel iets zien. Je kan er theater, toneel of muziek spelen onder de afdaken en daarom pleit ik er ook voor om de stations ruim genoeg te ontwikkelen zodat deze dingen er ook in realiteit doenbaar zijn. Stel je voor, je stapt van de tram en er start een stand-up-comedian op tien meter van je. Prachtig toch. En zo kan je zelfs kunstcircuits opzetten. Kijk, De Lijn gaat straks de infrastructuur aanbieden, het is van het allergrootste belang dat de mensen zelf de invulling gaan verzorgen en dat we kwalitatief hoger mikken dan de doorsnee stationsbuurt doet. Daarover moet er natuurlijk dialoog zijn met alle partners. Maar dat je op een stopplaats energie moet voelen, dat staat voor mij als een paalboven water. En dan vult Spartacus helemaal in waarvoor het bedacht is: meer zijn dan alleen maar een sneltram. Meer een link voor en tussen de mensen worden en hen bovendien extra kansen bieden.’

 

Fragment uit ‘Het Belang van Spartacus’ – bijlage HBvL

Veel meer dan een tram voor Limburg

Spartacus komt eraan